Nieuw leven voor betekenisvolle gebouwen? Word Vriend van BOEi. Klik hier
Beleid
Duurzaamheid
Economie
Gebied en Ruimte
Ontwerp en Gebouw
Sociaal en Maatschappelijk
Economie
Sociaal en Maatschappelijk
Wat opvalt is dat vele eeuwenoude monumenten het einde van de 20e eeuw hebben gehaald zonder een economisch rendabele functie. Vele kerken of stadspoorten die hun functie hebben verloren, worden toch als monumenten gekoesterd en onderhouden. Voor monumenten van voor 1850 is groot maatschappelijk draagvlak ontstaan. Voor jongere monumenten ontbreekt deze coulance, behoud voor de toekomst kan alleen worden verzekerd als er een economische, rendabele of maatschappelijk aanvaarde bestemming aan kan worden gegeven.
Wat opvalt is dat vele eeuwenoude monumenten het einde van de 20e eeuw hebben gehaald zonder een economisch rendabele functie.... > lees meer
Beleid
Ontwerp en Gebouw
Dat herbestemming uiteindelijk toch mislukt is veelal te wijten aan het feit dat sloop en nieuwbouw plannen al in een te ver gevorderd stadium verkeren om nog te kunnen worden afgeblazen. Het is dan ook zaak er vroeg bij te zijn, voordat de kaarten geschut zijn. Waar sloop dan toch de uitkomst is, dient tenminste een grondige documentatie als onderdeel van de nieuwbouwplankosten te worden uitgevoerd.
Dat herbestemming uiteindelijk toch mislukt is veelal te wijten aan het feit dat sloop en nieuwbouw plannen al in een... > lees meer
Beleid
Gebied en Ruimte
Ontwerp en Gebouw
Over grote complexen: integraal behoud van dergelijk grote complexen is in de praktijk per definitie niet realiseerbaar gebleken. Er zijn altijd niet of minder bruikbare gebouwen vanuit de potentiele nieuwe bestemming(en) bezien, gebouwen die technisch te ver heen zijn of gebouwen, die verkeerd zijn gesitueerd. Voor behoud van een fabrieksschoorsteen als herkenbaar landmark zonder economisch nut wordt slechts bij uitzondering een dekking in de exploitatieomzet gereserveerd, zodat deze meestal uit het stadsbeeld verdwijnen. Ook soms fraai met baksteenornamenten versierde omringende fabrieksmuren vallen af, omdat het openen van en met de omgeving integreren van oude bedrijfscomplexen juist een van de stedenbouwkundige drijfveren van de gemeente is om aan herbestemmingsprojecten medewerking te verlenen. Wie alles of niets speelt houdt in deze situaties steevast niets over. Compromissen zijn onvermijdelijk.
Over grote complexen: integraal behoud van dergelijk grote complexen is in de praktijk per definitie niet realiseerbaar gebleken. Er zijn... > lees meer
Economie
Over tijdelijke bestemmingen: het belang van deze weinig glamour-achtige, groezelige vorm van herbestemming moet niet worden onderschat. Afgezien van de bijdrage aan de lokale economie door het bieden van goedkope ruimte voor de minst kapitaalkrachtige, startende ondernemingen zijn en worden zo talloze bedrijfsgebouwen behoed voor leegstand, vandalisme en verval en blijft de optie van duurzame herbestemming overeind.
Over tijdelijke bestemmingen: het belang van deze weinig glamour-achtige, groezelige vorm van herbestemming moet niet worden onderschat. Afgezien van de... > lees meer
Duurzaamheid
Economie
Sociaal en Maatschappelijk
Herbestemming van grote monumenten is een goede garantie voor behoud van belangrijke cultuurhistorische waarden die in het pand opgesloten liggen en voor de specifieke identiteit van de buurt, dorp, stad of landschappelijke omgeving, waarin het monument gelegen is. Voorts is herbestemming weliswaar een financieel risico, maar wel een dat door veel partijen wordt genomen. Ook vanuit milieu-oogpunt is herbestemming een uitstekende optie. Er gaat namelijk geen materiaal verloren.
Titel:
Herbestemming van grote monumenten: een uitdaging
Auteur:
Nelissen, N., J.M. Smits, M.J.S. Bogie en J.M.H.N. Voorzee
Herbestemming van grote monumenten is een goede garantie voor behoud van belangrijke cultuurhistorische waarden die in het pand opgesloten liggen... > lees meer
Economie
In de praktijk blijk echter dat herbestemming in veel gevallen niet duurder maar zelfs goedkoper is dan nieuwbouw.
Titel:
Herbestemming van grote monumenten: een uitdaging
Auteur:
Nelissen, N., J.M. Smits, M.J.S. Bogie en J.M.H.N. Voorzee
In de praktijk blijk echter dat herbestemming in veel gevallen niet duurder maar zelfs goedkoper is dan nieuwbouw. > lees meer
Ontwerp en Gebouw
Risico bij herbestemming: een beschermd monumentaal pand dat na herbestemming een halfslachtige gedaante heeft, zou in die vorm misschien niet voor bescherming in aanmerking zijn gekomen.
Titel:
Herbestemming van grote monumenten: een uitdaging
Auteur:
Nelissen, N., J.M. Smits, M.J.S. Bogie en J.M.H.N. Voorzee
Risico bij herbestemming: een beschermd monumentaal pand dat na herbestemming een halfslachtige gedaante heeft, zou in die vorm misschien niet... > lees meer
Gebied en Ruimte
Sociaal en Maatschappelijk
Bij sloop en nieuwbouw gaat vaak de identiteit, herbergzaamheid en samenhang van een gebied verloren.
Titel:
Herbestemming van grote monumenten: een uitdaging
Auteur:
Nelissen, N., J.M. Smits, M.J.S. Bogie en J.M.H.N. Voorzee
Bij sloop en nieuwbouw gaat vaak de identiteit, herbergzaamheid en samenhang van een gebied verloren. > lees meer
Gebied en Ruimte
Niet herbestemmen leidt tot leegstand en verval, diefstal en vernieling ( ) kan een heel gebied in verval doen raken. Tegelijkertijd kan leegstand vanuit cultuurhistorisch perspectief zinvol zijn om sloop te voorkomen
Titel:
Herbestemming van grote monumenten: een uitdaging
Auteur:
Nelissen, N., J.M. Smits, M.J.S. Bogie en J.M.H.N. Voorzee
Niet herbestemmen leidt tot leegstand en verval, diefstal en vernieling ( ) kan een heel gebied in verval doen raken. Tegelijkertijd... > lees meer
Ontwerp en Gebouw
Sociaal en Maatschappelijk
Paradoxaal genoeg is het bij gebouwen met een bijzondere geschiedenis beter om niets te doen, van elke ingreep af te zien. Dat is dan de enige mogelijkheid om respect te tonen voor de ouderdom of eerbiedwaardige geschiedenis, voor het niet-dynamische, het inefficiënte, het niet veranderbare, meer het hoekige, onverwachte, onaangename, unheimliche, onmaakbare, dat wat zo snel verdwenen is en eigenlijk nodig is om ons historisch bewustzijn, ons collectieve geheugen waardevol te maken. Kortom, of een herbestemming slaagt heeft meestal weinig te maken met de waarde van het voorgaande gebouw of met geschiedenis. In de regel is het zelden mogelijk om het oorspronkelijke nog te begrijpen als de herbestemming klaar is. Dat vraagt dus om minder herbestemmen of opnieuw beginnen waar al een gebouw staat. Minder doen, meer laten, maar vooral, minder ontwerpen en denken dat gebouwen ooit af zijn en eerder stapsgewijs blijven aanpassen waarbij verval geen kans krijgt, en waarbij verlies gecompenseerd wordt door een nieuwe fase.
Titel:
Het gebouw als bewijs: Het bouwhistorische verhaal achter erfgoed
Auteur:
Montijn, I., V. van Rossem, F. Schmidt, R. Stenvert en G. van Tussenboek
Paradoxaal genoeg is het bij gebouwen met een bijzondere geschiedenis beter om niets te doen, van elke ingreep af te... > lees meer
Economie
Ontwerp en Gebouw
Terwijl er momenteel in Nederland op grote schaal herbestemd wordt, waarbij de ontwerper een grotere rol lijkt te krijgen of zelfs het voortouw neemt, is de theorievorming rond deze vorm van architectonisch ontwerpen niet wijdverspreid. Er is bijna geen zelfstandige literatuur binnen de rijke wereld van architectuurpublicaties die gaat over andere dan technische aspecten van verbouwingen (...). Het kan vaak niet creatief, inventief of gek genoeg om de 'nieuwe kwaliteit' te bereiken. Dat komt de laatste jaren vooral omdat er nogal ronkend verwachtingen aan herbestemming worden vastgemaakt. Men hoopt dat een opvallend vernieuwd gebouw of complex een gunstige uitwerking heeft op de bedrijvigheid en daarmee op de culturele en economische waarde van het object zelf, maar ook van de omgeving.
Titel:
Het gebouw als bewijs: Het bouwhistorische verhaal achter erfgoed
Auteur:
Montijn, I., V. van Rossem, F. Schmidt, R. Stenvert en G. van Tussenboek
Terwijl er momenteel in Nederland op grote schaal herbestemd wordt, waarbij de ontwerper een grotere rol lijkt te krijgen of... > lees meer
Duurzaamheid
Economie
Gebied en Ruimte
Mensen hebben altijd herbestemd, voortdurend hebben zij de gebouwen waarin zij leven en werken naar hun hand gezet. Maar herbestemming heeft de laatste jaren steeds meer de aandacht getrokken van ontwikkelaars, erfgoespecialisten en ontwerpers die de gebouwenvoorraad onderzoeken op kostenefficiente verbouwing en gezonde exploitatie. Het is steeds meer het begrip geworden waarbij een duidelijk zichbare, monumentale en bepaldende architectonische ingereep wordt gedaan (...). Bij herbestemming spreekt men al snel van winst. Het gebouw blijft bewaard en structuur en terreinen gaan niet verloren, puin hoeft niet te worden afgevoerd. (...) Toen [jaren 80] was het vooral nut dat vooropstond. Een gebouw leeg laten staan is nergens goed voor. Niet voor het gebouw en ook niet voor de eigenaar.
Titel:
Het gebouw als bewijs: Het bouwhistorische verhaal achter erfgoed
Auteur:
Montijn, I., V. van Rossem, F. Schmidt, R. Stenvert en G. van Tussenboek
Mensen hebben altijd herbestemd, voortdurend hebben zij de gebouwen waarin zij leven en werken naar hun hand gezet. Maar herbestemming... > lees meer
Rondleiding op maat
Voor het organiseren van een rondleiding op maat berekenen wij kosten.
"*" geeft vereiste velden aan
Gebiedsontwikkeling met oog voor erfgoed
Twintig jaar lang zette BOEi zich in voor de herbestemming van ENKA, eens de grootste fabriek van Nederland. De Westhal, het Kantinegebouw, het Poortgebouw, de twee schoorstenen, de herinneringsbank én de fontein werden door BOEi gered van de sloop. En dat alles in nauwe samenwerking met de gemeente Ede en AM ontwikkeling. Nu de herbestemming rond is, reflecteert BOEi op een van de grootste projecten in haar bestaansgeschiedenis.
Steenfabriek de Bovenste Polder, de basis van BOEi
Steenfabriek de Bovenste Polder in Wageningen is het eerste BOEi project, waar er nog velen van zullen volgen. Een bedrijfsverzamelgebouw waar commerciële, culturele en maatschappelijke functies samen komen, in een erfgoedjas. Er wordt gewoond en gewerkt door een divers pallet aan ondernemers en kunstenaars.
Centrale Markthal als eventlocatie
Dineren in een erfgoedlocatie zo groot als twee voetbalvelden, een niet alledaagse belevenis. Dat is mogelijk de Centrale Markthal in Amsterdam, een eventlocatie die geschikt is voor vele doeleinden, van dans, muziek tot sport. De rode loper waarover je naar de Markthal loopt, vergroot de belevenis.
Havenkerk tijdelijk onderdak voor Kijkdepot Schiedam
Vanwege de restauratie van Stedelijk Museum Schiedam werd de Havenkerk tijdelijk ingericht als Kijkdepot Schiedam. De kerk bood een half jaar lang onderdak aan ca. 5.500 objecten en aan experts die de historische collectie onder de loep namen. De Havenkerk vormde een perfect decor voor het Kijkdepot, dat ook toegankelijk was voor het publiek.
Turnhal Ellecom
De Turnhal in Ellecom is een iconisch gebouw met een beladen verleden, doordrenkt van verhalen over strijd, pijn en veerkracht. Gebouwd in 1943 als trainingscentrum voor de Nederlandse SS, heeft het een donkere geschiedenis van onderdrukking en collaboratie. De verhalen van de mensen die leden onder de bouw en het gebruik van de Turnhal, evenals die van hen die tegen onrecht streden, verdienen blijvende aandacht. In 2023 organiseerde BOEi een bijeenkomst bij de Turnhal waarin betrokkenen hun herinneringen en toekomstvisies deelden. Professionele tekenaars legden de verhalen vast, wat leidde tot inspirerende gesprekken over het verleden en de toekomst. Deze verhalen, vol strijd en saamhorigheid, verbinden verleden en toekomst.
Tankstation Withuis
BOEi verzamelt niet alleen verhalen rond erfgoed, maar plaatst ook de relatie van mensen met erfgoed centraal. Bij het Caltex tankstation in Withuis, ondersteund door het Faro-programma van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, werd dit principe ook toegepast. Bewoners, ondernemers en oud-eigenaren kwamen bijeen om hun herinneringen en toekomstvisies over het tankstation en het dorp te delen. De verhalen benadrukten thema’s als saamhorigheid, gemeenschapszin en een verlangen naar de levendigheid van vroeger in het grensdorp Withuis. Professionele tekenaars legden deze thema’s voor de aanwezigen vast.
Slot Loevestein
Slot Loevestein in het Gelderse Poederooien, onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, staat voor een omvangrijke transformatie- en uitbreidingsopgave. In 2020 en 2021 heeft de Stichting Museum Slot Loevestein een beleids- en activiteitenplan opgesteld voor het Slot en het omliggende Munnikenland. Om als volwaardig Rijksmuseum mee te kunnen doen is een bezoekersaantal van 300.000 bezoekers in 2030 nodig.
Om dit aantal te bereiken zijn de huidige activiteiten onder het licht gehouden, en moeten nieuwe activiteiten en bijbehorend vastgoed binnen en buiten de vesting ontwikkeld worden. Hiervoor is een masterplan opgesteld waarin de potentie van de plek en de unieke landschappelijke setting van het Munnikenland wordt toegelicht. Hierin worden ook de planologische implicaties beschreven, en welke stappen er genomen dienen te worden. Het is de intentie om in 2025 draagvlak voor het masterplan op te halen, BOEi begeleidt hierbij.
Meerjarenonderhoudsplan (MJOP)
Het onderhoud van monumenten kost veel geld, daarom is het extra belangrijk om inzicht te hebben in de toekomstige onderhoudsbehoeften van het pand. Dit inzicht wordt verkregen door het opstellen van een meerjarenonderhoudsplan (MJOP). Dit vergemakkelijkt het plannen en budgetteren van onderhoudswerkzaamheden op de lange termijn. Bij de Sarepthahof in Zutphen is recent onderhoud gepleegd op basis van een MJOP. Een van de ingecalculeerde werkzaamheden is het herstel van de dakgoten.
Kerk Sint Anna ter Muiden
Bij de gesprekken met (oud)bewoners van Sint Anna ter Muiden werd duidelijk dat als zij vertelden over hun herinneringen aan de kerk, zij ook steeds het dorp en de bewoners erbij betrokken. De kerk bepaalt de identiteit van dit kleine stadje zowel stedenbouwkundig als mentaal. Wie Sint Anna ter Muiden bezoekt, kan niet heen om de aanwezigheid van deze kerk; ze torent boven alle huizen uit en is al van ver te zien. Het gebouw houdt herinneringen aan mensen en gebeurtenissen levend en is onderdeel van de gehele gemeenschap. In Sint Anna ter Muiden zijn de gespreken vertaald naar een wandelroute in de tuin van de kerk. Zo zijn de verhalen voor iedereen toegankelijk.
Kloosterdorp Steyl
Om een herbestemming toekomst te geven, moet je allereerst kijken naar de geschiedenis. Kernkwaliteiten geven de essentie weer die in de (ontstaans-) geschiedenis liggen en de betekenis die betrokkenen eraan geven. De kernkwaliteiten geven handvatten voor een herbestemming. Voor Kloosterdorp Steyl zijn kernkwaliteiten opgesteld die betrekking hebben op het kloosterleven, de mondiale culturele uitwisseling, spirituele inspiratie en de aandacht voor de gemeenschap.
Rekenmodel voor verduurzamen monumenten
Dat verduurzamen loont wordt steeds duidelijker, maar is het ook financieel haalbaar? Om dit inzichtelijk te maken heeft BOEi een rekenmodel gelanceerd, waarmee dat inzichtelijk wordt gemaakt. En in plaats van een uitgebreid rapport, krijgt u concrete cijfers waarmee u direct aan de slag kunt. Het rekenmodel is interessant voor zowel eigenaren als huurders. De haalbaarheid wordt namelijk berekend op basis van de totale huisvestingslasten. Het model maakt inzichtelijk hoe de kosten en opbrengsten van verduurzaming verdeeld kunnen worden tussen eigenaar en huurder. En dat is de sleutel voor verduurzamen! Bovendien houdt het rekeninstrument rekening met de levensduurkosten van verduurzamingsmaatregelen, die simpel te kiezen zijn. Van de initiële investeringskosten tot de besparingen op energie en onderhoud tijdens de levensduur van de investeringen.
Zwarte Silo Deventer
Isolatie van de vloeren bleek niet afdoende om een comfortabel binnenklimaat te krijgen in de Zwarte Silo in Deventer. “In het restaurant stookten ze zich het schompes, maar het bleef koud.” De voormalige graansilo’s zijn nu deels volgestort met cellulose, dat een hoge isolerende waarde heeft. Een onzichtbare en relatief betaalbare verduurzamingsmaatregel, die BOEi nauwkeurig monitort. Het is een pilot, maar als die succesvol blijkt, kan dat heel interessant zijn voor de rest van de monumentenwereld.
Stork Hengelo
In 2023 onderzocht BOEi een deel van het voormalige fabrieksterrein van Machinefabriek Gebr. Stork & Co in Hengelo. Dit industrieel complex, opgericht in 1868, produceerde onder andere stoommachines, turbines en pompen. In de vroege twintigste eeuw groeide het uit tot een toonaangevend industrieel terrein. De fabriek had niet alleen een grote economische impact, maar beïnvloedde ook het sociale leven en de ruimtelijke ontwikkeling van Hengelo. Zo bouwde Stork onder andere Tuindorp Lansink, een verenigingsgebouw, een bibliotheek en een fabrieksschool voor de arbeiders.
Het terrein heeft historische waarde als voorbeeld van een groot Nederlands industrieel complex met internationale betekenis. De samenhang van de fabrieksgebouwen, fabrieksstraten, hallen, het ketelhuis, koeltorens en kantoren maakt de functie als machinefabriek nog steeds herkenbaar. Dit erfgoed weerspiegelt de geschiedenis van de Nederlandse machinebouw en de invloed van Stork op de stad Hengelo. Deze waarden vormen een belangrijke basis voor het opstellen en beoordelen van herbestemmingsplannen voor het terrein.
Quarantaineterrein Rotterdam
Het Quarantaineterrein in Rotterdam werd begin vorige eeuw aangelegd als plek voor afzondering en herstel voor mensen met een besmettelijke ziekte. Er werden verschillende gebouwen op het terrein geplaatst, waaronder ziekenbarakken, zustergebouwen en een lijkenhuis. Nadat het terrein in 1981 eigendom werd van het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam, werden de gebouwen werden gekraakt en werden de contactenbarakken en de kapiteinsbarak gesloopt. In het recentere verleden nam de waardering voor de bewaard gebleven delen van de voormalige quarantaine-inrichting toe, waarna het complex in 2010 werd opgenomen in het register van rijksmonumenten. Voor de herbestemming van panden op het Quarantaineterrein zijn bouwhistorische verkenningen opgesteld, waarin de cultuurhistorische waardenstelling is opgenomen. Deze waardenstelling kan als basis worden gebruikt bij het opstellen van plannen voor de herbestemming, en ook voor de beoordeling van deze plannen door het bevoegd gezag.
Kantinegebouw ENKA Ede
De herbestemming van de voormalige ENKA-Kantinegebouw tot een bijna-energieneutrale (BENG) 'brede school' startte in 2016 met een haalbaarheidsonderzoek. Bijzonder is de manier waarop weloverwogen is ingegrepen in het rijksmonument. Zo is er gekozen om het pand eerst casco te beschermen en te restaureren en daarna pas te herbestemmen. De herbestemming laat zien dat door zorgvuldig restaureren en vernieuwen, zelfs gebouwen met een zwaar industrieel verleden, een moderne, duurzame en maatschappelijke functie kunnen krijgen. BOEi heeft voor de herbestemming en verduurzaming van het ENKA-Kantinegebouw de Erfgoed Duurzaamheidsprijs ontvangen. Bij de uitreiking in het Singer museum in Laren werd de herbestemming ‘een schoolvoorbeeld voor de monumentensector’ genoemd.
De Bernardus Made
Het dalende kerkbezoek van de afgelopen decennia heeft zijn weerslag op het Nederlandse religieuze erfgoed. Zo ook in het Noord-Brabantse Made, waar BOEi in 2019 en 2020 een haalbaarheidsonderzoek deed naar de herbestemming van de Bernarduskerk. Dat begon met gesprekken met de dorpsbewoners, waaruit duidelijk werd waar in Made behoefte aan was. De Bernarduskerk vormt na een intensieve restauratie, verduurzaming en herbestemming het nieuwe hart van het dorp, als sociaal cultureel centrum 'De Bernardus'. Het kerk huisvest nu verschillende verenigingen, een consultatiebureau, kinderopvangorganisatie Kibeo, bibliotheek Theek 5 en een theaterzaal.