Het Zuider in de Tweede Wereldoorlog

Het Zuiderziekenhuis werd geopend in 1939, achteraf bezien vlak voor de Tweede Wereldoorlog. De verhalen over de oorlog worden in meerdere publicaties vermeld, maar niet altijd even uitgebreid. Over de Meidagen van 1940 staat er bijvoorbeeld weinig. We spraken voor het project Mensen Vertellen over Monumenten één persoon die zei dat het Ziekenhuis een grote rol had in het opvangen van alle gewonden van de grote brand in Rotterdam, maar veel meer daarover hebben we nog niet gevonden. Wel is algemeen bekend dat het Zuider vrijwel direct na de bezetting werd gevorderd ten behoeve van de Wehrmacht. Het personeel heeft er achteraf flink de draak mee gestoken dat een bezoekende Duitse delegatie op 25 Mei 1940 met onder andere Generalfeldmarschall Hermann Göring bijna bleef steken in de lift van het centraal gebouw. 

Ook zeer bekend is het verhaal van de bom die viel op het westelijke paviljoen van het Voorgebouw op 21 april 1941. Hier is echter enige voorzichtigheid op zijn plek. Sommige publicaties vermelden dat het Ziekenhuis bewust doelwit was en dat er sprake is van een brandbom. Sluitend bewijs voor deze verklaring vonden we nog niet. En als het een brandbom was, waarom was er dan geen brand? Wel is zeker dat een groot deel van het paviljoen werd beschadigd en in het hetzelfde en volgende jaar nog werd hersteld.

Het Zuiderziekenhuis kende een groot aantal onderduikers, zo vermeldt het herinneringsboek uit 1999 (zie bronnen). Zij verbleven daar letterlijk onder de neus van de Bezetter die maar liefst één derde van het ziekenhuis gevorderd hield gedurende de oorlog. De onderduikers verstopten zich tussen de vloeren en plafonds van het voorgebouw, precies de plek waar ook na 2010 de vastgoedbeheerders van het leegstaande Zuiderziekenhuis grote moeite hadden om dieven en vandalen te vinden die in het pand de koperen leidingen stalen. 
Een onmogelijke taak was in de oorlogsjaren weggelegd voor de technische dienst, die onder andere de verwarmingsketels moest stoken in tijden waarin kolen steeds schaarser werden. Eerst werd het ‘generator-antraciet’ vervangen voor minder efficiënte giet-cokes, die het personeel in ploegen eerst zelf in kleine stukjes moest hakken. Daarna waren ook deze niet meer verkrijgbaar en verstookte men uit nood op den duur maar de ebonieten kunststof bakken van de eigen installatie! 

Net als in de meeste grote steden kent ook het Zuider een serie grotere en kleinere incidenten, die niet altijd goed worden beschreven of herinnert. Zo was er die keer dat matrozen van de Kriegsmarine verhaal kwamen halen naar aanleiding van de dood van een collega en lukraak schietend over het terrein van het ziekenhuis gingen. Veel meer dan dit vertelt het verhaal niet. Ook een ander verhaal wordt slechts zeer summier verteld, terwijl het toch een zeer aangrijpende kwestie lijkt. Adjunct-directrice Zr. Van Dijk was in 1943 ziek geworden. Tijdens de kerstdagen sprak zij vanaf haar ziekbed heel het personeel toe via de intercom en liet zich daarbij zeer kritisch uit over de Duitse bezetters. De volgende dag werd zij opgehaald door vertegenwoordigers van het Duits gezag en werd nooit meer in het ziekenhuis terug gezien. De details van dit verhaal zijn ons helaas verder niet bekend. Toen op 5 Mei 1945 de bevrijding kwam, zong het personeel hand in hand het volkslied het Wilhelmus op de binnenplaats.

Bronnen. 
Jos van Rosmalen red., 1999. Het Zuiderziekenhuis, de groote inrichting aan den Groene Hilledijk. Uigave: Het Zuiderziekenhuis.
Rutger Polderman, 2017.  Zuiderziekenhuis, Rotterdam. Bouwhistorische verkenning deel A: Achtergrond en omgeving. Polderman, Bureau voor Monumenten- en Restauratieadvies