KIJK! Het boek over 25 jaar herbestemming in Nederland. Lees meer

Een hele sensatie: de opgravingen op het kerkhof Sint Anna ter Muiden in 1962

Dit artikel maakt onderdeel uit van een reeks van in totaal tien artikelen over de Hervormde kerk in Sint Anna ter Muiden. In deze artikelen zijn de interviews met tien (oud)bewoners van Sint Anna verwerkt die hebben vertelt over hun herinneringen omtrent de kerk en welke betekenis het gebouw voor hen heeft.

In de jaren zestig werd de kerktoren in Sint Anna ter Muiden gerestaureerd en vonden er opgravingen plaats in de tuin van de kerk. Tegenwoordig is aan de achterkant van de kerk de begraafplaats, maar uit de opgravingen bleek dat ook aan de voorkant graven lagen (oorspronkelijk was overigens de ingang van de kerk aan de huidige achterkant). Mensen die toen kind waren, hebben levendige herinneringen aan deze opgravingen. Ze waren onderdeel van de geschiedenislessen op school en bijzonder stoute jongens gingen spelen met skeletten die verspreid lagen rondom de kerk. De opgraving bracht daarnaast een hele bijzondere vondst met zich mee die vandaag de dag nog kan worden bezichtigd in het Belfort in Sluis.

Wat ik me nog kan herinneren, is dat er hier opgravingen geweest zijn. Dat heel het terrein openlag en dat ze de graven hebben gevonden. Onder de heg vonden ze dan de vazen met de te vroeg geboren baby’tjes in. Daar zijn we met de school toentertijd naartoe gegaan. Dat kan ik me nog heel goed herinneren. Toen hebben ze allemaal die graven blootgelegd en zag je ook de skeletten. Het was wel interessant om dat te zien met acht jaar.” Het is zelfs waarschijnlijk, dat de voorouder (over-over-overgrootvader) van Guus de Rooij bij deze opgravingen mee werd opgegraven.

Begraven in gewijde grond

Ook Piet Westerweele heeft als kind de opgravingen gezien en vond de schedels en skeletten interessant speelgoed. “Ik had toen net als andere jongens een overall aan. Ik kwam naar huis en mijn moeder vroeg meteen: wat heb je in je zak zitten? Ik haalde het eruit: Het waren allemaal tanden die ik had getrokken uit de schedels. Ik moest ze natuurlijk direct terugbrengen.” Volgens zijn broer Han had dat er ook mee te maken dat de mensen die de opgravingen verrichten zelf niet zachtmoedig met de beenderen omgingen. Zij hebben “de hoofden en de koppen zo aan de kant gesmeten” en daarmee gevoetbald.

De kinderpotten waar Guus de Rooij over vertelt, waren potten uit de late middeleeuwen. Toendertijd – en soms zelfs tot in de twintigste eeuw – was de gedachte dat doodgeboren kinderen niet gedoopd kunnen worden waardoor ze ook niet in de hemel terecht komen. De ouders van deze doodgeboren kinderen wilden mogelijk hun kindje beschermen door ze dicht bij de gewijde grond te begraven waardoor het hopelijk iets van de genade God’s meekreeg. Een andere verklaring zou kunnen zijn dat zij het kind wilden beschermen tegen heksen die zalfjes van de restanten van baby’s zouden maken*.

* Stichting Cultureel Erfgoed Zeeland, ZevenXZeven – verhalen bij religieus erfgoed (Middelburg 2008), 77-79.

Omroep Zeeland heeft aandacht besteed aan de opgravingen in Sint Anna ter Muiden. Het artikel met video is hier te bekijken.

Tekst: Daniela van Groningen
Beeld: Jan van Dalen